vrijdag 19 december 2014

Geen schikking curatoren DSB en DNB

De Nederlandsche Bank (DNB) wil niet schikken in zijn juridische strijd met de curatoren van de in 2009 omgevallen DSB Bank. Volgens de curatoren liep hun aansturing op een schikking voor de rechtbank in Amsterdam vrijdag op niets uit. Het is nu wachten tot de rechter uitspraak doet. Die staat gepland op 4 maart. De curatoren van DSB proberen een grote schadevergoeding los te krijgen bij DNB. Het gaat om een bedrag tussen de 600 miljoen en 1 miljard euro en betreft voornamelijk misgelopen rente-inkomsten.

donderdag 16 oktober 2014

Lakeman wint bij Hof procedure voor 28 leveranciers en onderaannemers

Stichting Onderzoek Bedrijfs Informatie (SOBI) is in hoger beroep door het Gerechtshof Den Haag in het gelijk gesteld in een procedure tegen Dirk Jan Lucas, voormalig directeur van de in 1993 gefailleerde Haagse bouwonderneming Lucas Bouw B.V. SOBI trad op als gemachtigde van 28 leveranciers en onderaannemers. Het Hof veroordeelde Dirk Jan Lucas tot het betalen van de schade (nader op te maken bij staat) die gelijk is aan onbetaalde facturen die de 28 in de laatste acht maanden voor het faillissement van Lucas Bouw B.V indienden. Inclusief wettelijke rente gaat het om ruim Euro 5,5 miljoen. Het Hof bepaalde dat meteen tot uitvoering kan worden overgegaan, óók als een van de partijen in cassatie zou gaan. Met het arrest heeft het Hof 97% van de eisen van SOBI toegewezen.

In een arrest d.d. 14 oktober stelt het Gerechtshof Den Haag onder meer dat Dirk Jan Lucas al in 1992 had  moeten beseffen dat zijn bedrijf 'een zinkend schip was en dat het drijvend houden ervan in toenemende mate plaatsvond voor risico van leveranciers en onderaannemers'.  En ook: 'Het zonder waarschuwing doorgaan met het aangaan van verplichtingen en het afnemen van nog niet betaalde goederen en diensten is in de gegeven omstandigheden dermate laakbaar dat Lucas hiervan een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt. Dit leidt tot persoonlijke aansprakelijkheid van Lucas als bestuurder.'

De 28 gedupeerde bedrijven  wendden zich tot SOBI waar voorzitter Pieter Lakeman zich in de zaak vastbeet. In 2003 en 2006 deed SOBI schikkingsvoorstellen die neerkwamen op vergoeding van ruim de helft van de schade. Deze voorstellen werden echter afgewezen. Nadat een door het Gerechtshof benoemde onafhankelijke deskundige in 2011 een voor de cliënten van SOBI gunstig rapport aan het Hof uitbracht, legde SOBI beslag op aandelen en onroerend goed van Dirk Jan Lucas. Hoewel Lucas niet onder een beroepsaansprakelijkheidsverzekering valt, meent SOBI dat door de beslaglegging het grootste deel van de schade toch verhaald kan worden.

SOBI kreeg eerder in de procedure van ABN AMRO - onder dreiging met een kort geding - financiële gegevens waaruit bleek dat Lucas Bouw al ruim voor het faillissement een tekort aan liquiditeiten had. SOBI-voorzitter Pieter Lakeman deed het feitenonderzoek dat aan de succesvolle procedure ten grondslag lag. Mede op basis van de door Lakeman aangedragen feiten baseerde het Gerechtshof de veroordeling in belangrijke mate op de omstandigheid dat Dirk Jan Lucas zelfs nadat duidelijk was dat de liquiditeit blijvend tekort schoot doorging met 'ondernemen'.

SOBI-voorzitter Pieter Lakeman noemt het arrest van het Gerechtshof in Den Haag een belangrijke ontwikkeling in de rechtspraak: "Voor zover ik weet is nog nooit zo duidelijk en zo streng geoordeeld over een directeur die de zaak tegen beter weten in te lang liet doorzieken. Dit is een wezenlijke aanvulling op de jurisprudentie die SOBI eerder al in een zaak tegen een directeur (Theo Hurks) van een andere gefailleerde bouwonderneming  wist te bewerkstelligen. Destijds ging het om schade door het niet betalen van facturen die in de laatste drie maanden voor het faillissement waren ingediend. In de zaak Lucas heeft het Hof de tijdgrens opgerekt naar acht maanden hetgeen ik juridisch gezien van groot belang acht. En voor mijn opdrachtgevers een geweldig resultaat."

vrijdag 13 juni 2014

Familie Poot besluit Chipshol te verkopen

De familie Poot - groot aandeelhouder van gebiedsontwikkelingsmaatschappij Chipshol -  heeft besloten de onderneming te verkopen. Het besluit is recent bekrachtigd in een buitengewone aandeelhoudersvergadering. De voorgenomen verkoop biedt een nieuwe eigenaar de mogelijkheid om 150 hectare strategisch gelegen gronden in bezit te krijgen voor de ontwikkeling van vastgoed in verschillende marktsegmenten. Chipshol is de grootste particuliere gebiedsontwikkelaar in de Schiphol-regio.

De beslissing is ingegeven door de leeftijd van Jan Poot sr (89), drijvende kracht achter Chipshol en door de recente belangstelling van internationale partijen om te investeren in luchthavens. Jan Poot richtte Chipshol in 1986 op 62-jarige leeftijd op vanuit de visie dat luchthavens zich zouden ontwikkelen tot steden (airport cities). 

Binnen vijf jaar na de oprichting verwierf Chipshol bijna 600 hectare grond rondom Schiphol. De luchthaven had volgens Chipshol de potentie had om nummer 1 van de wereld te worden. Naar voorbeeld van Atlanta Airport, dat op basis van visie en samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven groeide van nr. 40 in 1960 naar nr. 1 in 2000.

Reeds in 1989 sloot Chipshol twee samenwerkingsovereenkomsten met de Schiphol Area Development Company voor de ontwikkeling van Business Park-Rijk (35 ha.) en Badhoevedorp-Zuid (40 ha.) Het door Chipshol gerealiseerde Park-Rijk was destijds het eerste business park ter wereld waar alle auto's consequent half verdiept onder de gebouwen worden geparkeerd waardoor meer dan 50% van het gebied bestaat uit groen en water.

De belangrijkste doelstelling van Chipshol was de ontwikkeling in Badhoevedorp-Zuid van een 'centrum van internationale allure', in het gebied gelegen in de driehoek tussen de snelwegen A4,A5 en A9. Een Airport City van twee miljoen vierkante meter met onder meer hotels, congresfaciliteiten, een shopping mall, kantoren, appartementen en een golfbaan. Een revolutionair aspect van deze zakenstad was de aanleg van de duurzame people mover Taxi 2000. Met deze spectaculaire ontwikkeling zou Schiphol zich volgens Chipshol kunnen ontwikkelen tot de meest aantrekkelijke werklocatie van Europa.

De plannen  voor deze Airport-City waar 70.000 mensen kunnen wonen en werken zijn door buitenlandse deskundigen zeer positief beoordeeld. De Amerikaanse hoogleraar en Airport City expert John Kasarda stelde in 2007 dat Chipshol met het plan voor een groene Airport City haar tijd ver vooruit was. Voormalig directeur-generaal Kees Vriesman van het ministerie van VROM deed als voorzitter van de naar hem genoemde overheidscommissie Vriesman onderzoek naar de ontwikkeling van luchthavens en noemde in 2009 het plan van Chipshol 'een potentieel sieraad van gebiedsontwikkeling'.

Chipshol is de derde succesvolle onderneming van Jan Poot. In 1960 richtte hij Eurowoningen op, dat binnen tien jaar zou uitgroeien tot  de grootste gebiedsontwikkelingsmaatschappij van Nederland, met een jaarlijkse productie van 4000 woningen. Eurowoningen kreeg met name bekendheid door de ontwikkeling van de innovatieve groene Parkstad Leusden.

Na de verkoop van Eurowoningen werd medio jaren 70 de internationaal opererende gebiedsontwikkelaar Eurohome opgericht die met de ontwikkeling van het ski-station Valmorel internationale prijzen in de wacht wist te slepen. Het ski-station werd door de Franse overheid zelfs uitgeroepen tot model skistation.

De afgelopen jaren hebben zich regelmatig buitenlandse partijen gemeld die grote interesse toonden voor Chipshol en haar strategische, grootschalige grondposities. De belangstelling om te investeren in luchthavens is sindsdien verder toegenomen. Naar aanleiding van de recente beslissing tot verkoop zal vanaf het vierde kwartaal 2014 een procedure worden voorbereid , waarbij uiteindelijk een select aantal belangstellende partijen wordt uitgenodigd finale biedingen te doen.

woensdag 23 april 2014

Lakeman begint meld- en informatiepunt over De Nederlandsche Bank

Stichting Onderzoek Bedrijfs Informatie (SOBI) opent een meld- en informatiepunt over De Nederlandsche Bank (DNB). SOBI wil daarmee misstanden bij het toezicht door DNB aan de kaak stellen. Volgens SOBI-voorzitter Pieter Lakeman worden kleinere pensioenfondsen, banken en verzekeraars steeds vaker onder druk gezet om activiteiten over te dragen aan door DNB aangewezen rechtspersonen of om af te zien van benoeming van geschikte kandidaten. Daarnaast worden kleinere pensioenfondsen en verzekeraars soms overladen met extra DNB-eisen, terwijl zij béter presteren dan grotere.
Lakeman heeft mede op grond van signalen die hem bereikten sterk de indruk dat een wetswijziging in 2012 leidde tot wat hij noemt 'een toenemende vrijmoedigheid van DNB bij het uitoefenen van toezicht'. Als gevolg van de wetswijziging is het vrijwel onmogelijk geworden om DNB aansprakelijk te stellen voor schade. Lakeman wil nu pensioenfondsen, verzekeraars en individuen de mogelijkheid bieden bij het meldpunt klachten over het handelen van DNB in te dienen. Als die klachten in zijn optiek gerechtvaardigd zijn, kunnen ze openbaar worden gemaakt.
Het meldpunt www.meldpuntdnb.nl is bedoeld voor iedereen die informatie over de werkwijze van DNB jegens kleinere pensioenfondsen, banken en verzekeraars heeft. Desgewenst kan men als klokkenluider vertrouwelijk contact opnemen en gegevens delen of opvragen. De website zal mede door middel van nieuwsbrieven regelmatig nieuws verspreiden over het optreden van DNB jegens onder haar toezicht staande instellingen en bestuurders van die instellingen.
De SOBI-voorzitter is van mening dat DNB kleinere pensioenfondsen en verzekeraars soms opzadelt met in aard en omvang discriminerende eisen. Lakeman: "Die ongekend strenge eisen staan niet altijd in verhouding tot de ruimte die grotere instellingen krijgen. ING en Rabobank krijgen bijvoorbeeld toestemming slechts een bescheiden percentage op vastgoed af te schrijven, terwijl DNB voor kleinere partijen met gezondere vastgoedportefeuilles soms een veelvoud aan afschrijvingen eist. Dergelijke ongelijkheden lijken niet uniek te zijn."
Volgens Lakeman krijgt hij ook meldingen dat bestuurders van pensioenfondsen en verzekeraars door DNB onder druk worden gezet 'om de business maar over te doen aan grotere, vaak door DNB zelf aangedragen partijen'. Hij vindt het wrang en onterecht dat DNB dergelijke druk op kleinere verzekeraars en pensioenfondsen uitoefent: "Hun beleggingsresultaten zijn vaak beter dan die van grotere fondsen. Dat komt mede omdat bij grotere pensioenfondsen dure adviseurs een fors deel van de beleggingswinst afromen. Ons meldpunt wil dergelijke misstanden gedocumenteerd aan de kaak stellen."
DNB beweegt zich volgens Lakeman de laatste jaren hoe langer hoe meer op het terrein van de AFM. De AFM houdt volgens de wet toezicht op het gedrag van banken, pensioenfondsen en verzekeraars, terwijl DNB zich in principe dient te beperken tot prudentieel toezicht (toezicht op de financiële gezondheid). De website www.meldpuntdnb.nl zal ook jurisprudentie over geschillen met DNB bevatten.

woensdag 5 februari 2014

Lakeman: falende SNS-commissarissen Nijhuis en Wijngaarden moeten weg


Voorzitter Pieter Lakeman van Stichting Onderzoek Bedrijfs Informatie (SOBI) wil dat minister Dijsselbloem van Financiën de commissarissen Jos Nijhuis en Ludo Wijngaarden van SNS Reaal vervangt. Beiden werden in 2009 vanwege hun financiële deskundigheid commissaris bij SNS Reaal. Volgens Lakeman hebben zij als toezichthouder ernstig gefaald. Mede door hun 'lakse houding en een gebrek aan adequaat optreden' ging de bank ten onder en werd nationalisatie onontkoombaar, schrijft Lakeman in een brief aan Dijsselbloem. Hij vraagt de minister om Nijhuis en Wijngaarden te vervangen.
Uit het recent gepubliceerde rapport van de Evaluatiecommissie Nationalisatie SNS Reaal blijkt volgens Lakeman dat de bank zélf primair de oorzaak is van haar bijna-ondergang. Zo werden adviezen van onder meer De Nederlandse Bank om de bakens te verzetten genegeerd. De evaluatiecommissie beklemtoont dat Wijngaarden (voormalig ING-bankier) en zijn mede commissaris Nijhuis (voormalig bestuursvoorzitter accountant PwC en thans bestuursvoorzitter Schiphol) in 2009 vanwege hun financiële expertise als aanwinsten werden gezien. Des te vreemder is het in de optiek van Lakeman dat het tweetal ondanks een hard en kritisch oordeel van de evaluatiecommissie aanblijft als commissaris.
Wijngaarden is in 2009 - net als zijn collega Charlotte Insinger - benoemd op voordracht van de Staat. Het vervroegd wegsturen van deze 'eigen' commissarissen zou op zich als gedeeltelijke schulderkenning kunnen worden opgevat, aldus Lakeman. Dat geldt overigens niet voor de op voordracht van de Raad van Commissarissen benoemde Nijhuis. De bij hun entree als financieel deskundigen geprofileerde Nijhuis en Wijngaarden worden juist op hun eigen vakgebied geconfronteerd met harde kritiek van de evaluatiecommissie. Die spreekt onder meer van het in de periode 2009-2011vaststellen van te optimistische jaarrekeningen en het ondanks adviezen van De Nederlandse Bank niet nemen van maatregelen om SNS Reaal van de ondergang te redden.
Naar het oordeel van Lakeman deed de Raad van Commissarissen niets om het tij te keren. Hij is van mening dat de commissarissen faalden en in het bijzonder Nijhuis en Wijngaarden. Zij waren immers vanwege hun specifieke financiële kennis aangetrokken. Lakeman onderschrijft de stelling van de evaluatiecommissie dat veel eerder had moeten worden begonnen met het zoeken naar kopers voor de verzekeringstak van SNS Reaal. Het lijkt hem 'moeilijk te verdedigen dat Nijhuis en Wijngaarden nog langer in functie blijven als commissaris bij SNS Reaal'. Hij vraagt minister Dijsselbloem daarom hen onmiddellijk te vervangen. Van die vervanging kan een positief signaal naar de financiële markten uitgaan, aldus Lakeman.

vrijdag 25 oktober 2013

Lakeman blijft KPMG vervolgen

Stichting Onderzoek Bedrijfs Informatie (SOBI) heeft beroep aangetekend tegen de tuchtuitspraak van de Accountantskamer inzake het handelen van een KPMG-accountant in de derivatenzaak Vestia. SOBI is op zich tevreden over het feit dat de accountant op 19 augustus een berisping kreeg wegens het onvoldoende controleren van de derivatenportefeuille van Vestia waardoor de corporatie ruim 2 miljard euro verlies leed. Maar SOBI-voorzitter Pieter Lakeman meent dat de Accountantskamer óók een uitspraak had moeten doen over de onjuiste waardering door de accountant van de rentederivaten.
In het beroepschrift van SOBI wordt aangevoerd dat de KPMG-accountant zijn beroep in diskrediet heeft gebracht. Hij deed dat door ‘het goedkeuren van een jaarrekening waarin misleidende informatie over verhandelde rentederivaten en een te hoog resultaat en eigen vermogen’ waren opgenomen. SOBI meent dat de fouten van KPMG niet het gevolg zijn van het onvolledig bijhouden van het controledossier of een onvolledige controle, maar voortvloeien uit het onjuist lezen en/of toepassen van waarderingsregels.
Pieter Lakeman stelt dat de Accountantskamer dat verschil miskent en vindt het onjuist dat eerder op dit punt door hem ingediende klachten zijn genegeerd. De Accountantskamer beperkte zich volgens Lakeman ten onrechte tot een uitspraak over de ontoereikende controle door KPMG en het onvoldoende bijhouden van een controledossier: “Men richt zich primair op puur administratieve aspecten die maatschappelijk gezien van veel minder belang zijn dan zwaarwegende zaken als misleidende jaarrekeningen en onjuiste jaarcijfers. Er wordt te veel naar allerlei regeltjes en te weinig naar de echte inhoud gekeken. Die verontrustende trend wordt steeds sterker. Als de procedures maar deugen, doet de inhoud er blijkbaar minder toe.”
De Accountantskamer ging volgens SOBI ten onrechte voorbij aan een zwaarwegende zaak als de onjuiste waardering van rentederivaten, zogenaamd omdat de Accountantskamer eerder al zou hebben geconstateerd dat er onvoldoende controle was uitgeoefend. De beperktere taakopvatting van de Accountantskamer leidt er in de optiek van SOBI toe dat men steeds terughoudender wordt met het bestraffen van accountants die onjuiste jaarrekeningen hebben goedgekeurd. SOBI vreest dat de Accountantskamer zich –  mede onder invloed van de Autoriteit Financiële Markten (AFM), die vrijwel uitsluitend klaagt over procedureschendingen – vooral  richt op strikt procedurele zaken als de volledigheid van dossiers en controletechnieken en te weinig op  essentiële zaken als het ten onrechte goedkeuren van onjuiste waarderingsregels.
De Accountantskamer heeft zich ook niet verdiept in de vraag of KPMG het accountantsberoep in diskrediet heeft gebracht door verkeerde waarderingsregels toe te passen. Terwijl KPMG in een eerder stadium nota bene zélf besloot om haar aanvankelijk afgegeven goedkeurende verklaring weer in te trekken. De zaak KPMG/Vestia kwam aan het rollen toen SOBI op 2 mei 2012 een klacht wegens onjuiste waardering van rentederivaten had ingediend. Een half jaar na de SOBI-klacht volgde die van de AFM en later ook nog een van Vestia.

Curatoren DSB dienen claim in bij DNB

De curatoren van de in 2009 failliet verklaarde DSB Bank dienen samen met gedupeerde partijen een claim in bij De Nederlandsche Bank (DNB). Dat meldt het ANP. Zij achten de toezichthouder aansprakelijk voor de schade die schuldeisers lijden als gevolg van het faillissement. Het gaat om een gebundelde claim van de curatoren en de Vereniging DSBspaarder.nl, Vereniging DSBdepositos.nl en Stichting Belangen Rechtsbijstandverzekerden DSB.